Overweging Psalm 138 – Gedachteniszondag

Soms heeft een preek iets weg van een column. Doorgaans plaats ik mijn preken niet hier. Voor de preek die ik hield op Eeuwigheidszondag maak ik een uitzondering. In deze dienst noemen we de namen van hen uit onze kring die het afgelopen jaar gestorven zijn. De overweging ging over Psalm 138.

Rouwen is een opdracht, een taak die je uit te voeren hebt. Tegen wil en dank. Er is geen ontkomen aan. In gesprek met mensen valt het me geregeld op hoe het leven haast opnieuw uitgevonden moet worden. Hoe het perspectief soms van dag tot dag kan veranderen. Dat is lang niet altijd alleen maar verdrietig. Er is ruimte voor opluchting, dankbaarheid en berusting. Soms ook boosheid op God en het leven zelf. Het kost tijd en arbeid -soms zelfs heel veel- om het leven weer glans te geven.

Geloof kan dan een baken zijn. Een kurk waar je op blijft drijven. Maar geloof kan ook ballast zijn. Verhalen waar je niets aan hebt. Rouwen vraagt om veel, maar waar het zeker niet om vraagt is theologie. Met theologie proberen we te verklaren. Dat brengt ons naar het hoofd. Voordat je het weet, snijdt dat God de pas af; de weg naar het hart, het handelen, het doen.

Veel meer heb je aan rituelen; een dagelijkse praktijk die helpend is. Ze geven structuur, richten je aandacht en zetten aan tot doen. In de christelijke traditie kennen we wel enkele rituelen. Toch verbleekt dat bij de Joodse traditie. Wie in die traditie te maken krijgt met verlies en rouw, weet hoe te handelen, wanneer te zwijgen en wat te bidden. Een belangrijk onderdeel van de dagelijkse dienst in de synagoge, is het bidden van het kaddiesj-gebed.

De rouwenden bidden drie keer per dag het kaddiesj voor de rouwenden. Opvallend genoeg is dit gebed géén treurdicht. Er valt geen woord over dood, verlies of rouw. Het is vooral één groot lofgebed voor de Eeuwige, waarin de Naam geheiligd wordt. En het geeft uiting aan de verwachting van de Messias. Dat Hij zal komen om deze aarde te richten, erover te heersen. Elf maanden lang na het overlijden wordt kaddiesj gezegd door de nabestaanden. Een gebed dat op het eerste gezicht totaal niet past. Hoe dan? Waarom dan? De Naam heiligen? Zou weeklagen niet beter zijn?

In de rabbijnse literatuur is veel gezegd over het belang van het kaddiesj-gebed. Met name ook voor de overledene. Wie op internet zoekt, zal daarover heel veel tegenkomen. Als ik daar meer over zeg, ga ik echter de godsdienstige praktijk van een ander verklaren. Daar zal niemand vandaag mee geholpen zijn. Ik keer dus terug naar onszelf. Naar onze eigen rouwtaken die we allemaal wel hebben of er vroeg of laat mee te maken krijgen.

De belangrijkste taak van een rouwende is nieuw perspectief te vinden. Het er opnieuw weer op te wagen. De eerste vakantie zonder je dierbare, je geliefde. De eerste verjaardag van hem of haar. De eerste Kerstdagen, hoe ellendig, ze staan weer voor de deur. Waar ga je perspectief vandaan halen? Geloof lijkt zo vaak, zó betekenisloos. En daar helpt heus geen dominee aan.

Bij Psalm 138 moest ik denken aan elf maanden kaddiesj. Het is een loflied. Samengevat met de woorden: Heer uw trouw duurt eeuwig, Laat niet los het werk van uw handen. Je mag ook vertalen: Uw trouw duurt eeuwig, U laat niet los het werk van uw handen.  De hele psalm stelt de messiaanse tijd centraal. Anders, maar vergelijkbaar met het Kaddiesj-gebed. Iemand op internet noemde psalm 138 zelfs een alternatief kaddiesj.

Elke dag opnieuw deze psalm lezen. Niet alleen, maar in de gemeenschap. Minimaal met negen andere aanwezigen. Wat zou het met een mens doen? Elke dag zelf de woorden spreken als opdracht. Om niet van een Heilige opdracht te spreken. Drie maal daags hardop de Naam heiligen. Het is misschien absurd. Maar in die herhaling ontstaat mogelijk iets. Daar stelt de Eeuwige zijn Naam present. Worden je opnieuw woorden in de mond gelegd over een toekomst die eens komen zal.

Maar deze woorden sluiten toch totaal niet aan bij het verdriet, de pijn en de rouw? Ik denk ook niet dat je deze woorden zo beluisteren moet, mocht je die taak op je nemen. Ze kunnen helpend worden, omdat je op die manier opgaat in een groter geheel. Het geheel van de generaties die de psalmen hebben gezongen. Generaties die daar kracht, moed en troost uit hebben geput. Ik vermoed dat je na verloop van tijd perspectief gaat zien als je het volbrengt. Het gaat er niet om dat je het gelooft. Het gaat erom dat het langzaam waar voor je wordt. Dat je gewaar wordt waar het leven om draait – uiting te geven aan hoop, een hoger ideaal.

Het helpt je wellicht te ontdekken dat er achter jouw verdriet een andere werkelijkheid schuil gaat. Deze woorden. Misschien moeten ze wel elke dag klinken. Opdat ik geloven ga. Dat die woorden perspectief geven. Dat ze zich in mij nestelen, zodat het uiteindelijk waar wordt. Want woorden bepalen ons perspectief. Scheppen ons een nieuwe werkelijkheid. Geloof vraagt om beweging, in beweging komen. Het is een oefening. Een exercitie om het leven -dat soms alle schijn tegen heeft- in een ander perspectief te gaan zien. Geloof bevestigt niet de status quo. Het klaagt die aan en tart het lot.

Huub Oosterhuis hertaalde. Psalm 138 – Vrij. (Juist deze Psalm droeg hij op aan de overleden Bernard Huijbers. De componist en vriend met wie hij veel samenwerkte)

Stuur een bericht

Neem contact met me op

Heb je een vraag, een opmerking of een suggestie? Laat het me gerust weten!

Geloofswoorden.nl is een initiatief van ds. Dirk-Jan Bierenbroodspot. Dat is een hele mond vol. Wat mij betreft tutoyeren we elkaar en heet ik dus gewoon Dirk-Jan. Zoek je contact met me? Vul het formulier hiernaast in, volg me op Facebook of Instagram, stuur een Whatsapp-bericht of bel me op. Kies het communicatiemiddel dat bij je past.

Copyright 2020 ds. D.J. Bierenbroodspot ©
All Rights Reserved

Wil je elke maand een overzicht van alle geplaatste columns, gebeden en podcasts? Meld je dan aan voor de nieuwsbrief  door  op onderstaande knop te klikken.

Holler Box